juni 22, 2009

Weblogs vormen waardevolle indirecte ondersteuning voor kenniswerkers

Wetenschappelijk bewezen: 
Het bijhouden van een weblog (met dank aan Spoetnik) is een zinvolle bezigheid voor kenniswerkers.

Lilia Efimova verdedigt op 22 juni 2009 haar proefschrift : 
Passion at work: blogging practices of knowledge workers

Zij betoogt “Weblogs hebben, net als andere vormen van sociale media, de potentie om onze manier van werken te veranderen”.  Het proefschrift beschrijft onderzoek naar “early adopters” van weblogs.  Het doel hierbij is om inzicht op te doen rond het introduceren van weblogs in kennisintensieve omgevingen.

Het onderzoek beschrijft de manier waarop kenniswerkers bloggen en de uitdagingen die opdoemen wanneer weblogs gebruikt worden in relatie tot werk.
Weblogs geschreven door kenniswerkers kunnen een waardevolle bijdrage leveren aan hun werkomgeving, mits ze met passie geschreven zijn en de juiste balans hebben van persoonlijke en zakelijke informatie. Een goed weblog verbindt mensen en geeft inzicht in werkprocessen en -progressie, stelt Efimova. “Kenniswerkers zijn lastig te managen omdat hun werk niet makkelijk meetbaar is. Daarvoor moet een passende omgeving gecreëerd worden en bloggen past daarin.”

Lastig te managen?
Vaak moeten kenniswerkers wel een beetje eigengereid zijn.
Kennis is macht wordt nog door velen aangegrepen, om geen kennis te delen.  Het uitvinden en het ontwikkelen van een eigen wiel is nog altijd iets dat men tot de eigen kunst wil verheffen.

De wielen zullen beter gaan draaien als we kennis in beweging zetten via bloggen, twitteren, linkedIn etc, etc., dan onstaat een vruchtbare wisselwerking aan ideeën en contacten.

Mijn weblog draait  lekker, alleen het kost soms een beetje (te) veel tijd!

Proefschrift:
Efimova, L. (2009). Passion at work: blogging practices of knowledge workers.  Enschede, Netherlands: Novay.
Universiteit Utrecht 22 juni 2009

juni 16, 2009

Foto-expositie van Ben van der Meer

benvandermeerVanaf 16 juni 2009
worden in de Medische Bibliotheek van het AMC  te Amsterdam

foto’s van Ben van der Meer tentoongesteld.

De expositie is te bezichtigen op maandag t/m vrijdag van 9.00-17.00 uur en wordt geopend op dinsdag 16 juni om 16.30 uur.

Ben van der Meer is lid van de Fotoclub AMC

mei 12, 2009

Sky(bed)box: Voelt toch een beetje als (de)gradatie.

“Groene hart Ziekenhuis Gouda overweegt “businessclub”. (Skipr 11/05/09) waarvan bedrijven uit de regio lid kunnen worden. Medewerkers van die bedrijven zouden in ruil voor een financiële vergoeding sneller kunnen worden geholpen.
“Het (pas gebouwde) ziekenhuis voor de 21 eeuw, Orbis Medisch Centrum, met al zijn patiëntgerichte service en zorg dreigt vanwege de luxueuze inrichting weer in te storten. Langzamerhand leg ik de associatie met een skybox in een voetbalstadion, waar de business partners hun zakenrelaties fêteren, het spelletje wordt gespeeld, de bal blijkt dan niet altijd rond. Vervolgens degradeert de club tot groot verdriet van de “gewone” supporter. Blij dat er spreekkoren ontstaan die “Voorkruipzorg” verfoeien.
Het is natuurlijk prima om patiëntgericht te werken, maar we moeten in de zorg nu ook weer niet doorslaan. Want waar de één wordt voorgetrokken, zal de ander toch achter moeten blijven.
Wie selecteert de patiënt, wie past in het team, de hospitalclub?

Misschien is het toch leuker om er een Disneyland van te maken. (Fred Lee)

p.s. Er rijden 2 clubcars (golfkarren) voor de patiënten/bezoekers van Orbis Medisch Centrum (OMC) die slecht ter been zijn!

  •  Zorgbemiddeling tegen betaling mag niet / advies NZa d.d. 30/03/09 . pdf
  • Antwoorden op kamervragen van Kant en van Gerven over voorkruipzorg door Quality Medical Services
    Kamerstuk, 30 maart 2009. VWS link

april 21, 2009

Evidence Based Practice! Journal Club bewijst goede dienst.

Tegenwoordig heb je Journal clubs.  Vroeger refereerbijeenkomsten, mogelijk is het een kwestie van oude wijn in nieuwe zakken, maar het fenomeen sluit wonderwel aan bij de EBP gedachte. EBP is hot in de (para)medische wereld. Bij Evidence Based Practice (EBP) gaat het om klinische beslissingen op basis van het best beschikbare bewijs, in combinatie met de kennis en ervaring van de zorgverlener en de waarden en voorkeur van de individuele patiënt. De medische discipline richt zich al geruime tijd op rationalisatie van het klinisch handelen. Werd in het verleden vertrouwd op ervaring, traditie en gezag, tegenwoordig baseert de (para)medicus zich zoveel mogelijk op wetenschappelijk onderzoek. Bestaande en nieuwe medische interventies en strategieën worden tegenwoordig streng getoetst aan het beste onderzoek in de wetenschappelijke literatuur of worden onderworpen aan onderzoek volgens de gedegen methoden van de klinische epidemiologie. Aan de hand van de resultaten van deze onderzoeken ontwikkelen (para)medici nieuwe richtlijnen en dragen daarmee bij aan de kwaliteitsverbetering binnen de zorg en aan effectieve en doelmatige gezondheidszorg. (3)

Ook de verpleegkundige beroepsgroep wordt geschoold op het gebied van Evidence Based Practice. Verpleegkundigen staan niet bekend als “lezers”. In TvZ 1996(1) probeerde men de verpleegkundige te stimuleren, de vakliteratuur beter bij te houden. De titel “Artikelen lezen is ook werken”, geeft aan dat het een moeizame missie was. Vanuit de EBP gedachte is de vakliteratuur een belangrijke bron voor het (wetenschappelijke) bewijs voor het al of niet toepassen van een zinvolle behandeling/verzorging. Door de komst van EBP raakt literatuur(onderzoek) eindelijk ingeburgerd in de verpleegkundige samenleving.

In het Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice staat een aardig artikel: “Journal club, een goed idee voor implementatie van EBP”. Het artikel is geschreven door Hester Vermeulen (AMC), Corine Latour (HvA en Dirk Ubbink (AMC) .
De auteurs beschrijven de stimulerende werking van een Journal club voor EBP. Een Journal club, bestaat uit een aantal deskundigen, die een bepaalde (be)handeling aan de kaak stellen, of op zoek zijn naar een bewezen behandeling. Tijdens een Journal Club bijeenkomst bespreken één of twee verpleegkundigen of docenten Verpleegkunde een wetenschappelijk artikel met de overige collega’s. Ze hebben van tevoren de validiteit van het artikel kritisch beoordeeld, de resultaten nader beschouwd en nagedacht over de toepasbaarheid van het bewijsmateriaal in de praktijk. Gedurende een half of een heel uur presenteren zij hun bevindingen, waarna hun collega’s vragen kunnen stellen. Idealiter eindigt de bespreking met vragen over de relevantie van het bewijsmateriaal voor de eigen praktijk, een conclusie en een afspraak over eventuele aanpassingen in de dagelijkse praktijk of afspraken tot implementatie van een vernieuwing. (2 ).

Al eerder schreef ik een blogbericht over de Journal club: BioMed(Critically Commentary) : Journal club
Het artikel van Vermeulen, H, e.a. wilde ik graag onder uw aandacht brengen. Hopelijk beschikt u over het tijdschrift en/of werkt de link in uw (AMC) domein.

Bijl: Het vijfstapsproces van EBP (2)
1. Het formuleren van kritische en beantwoordbare vragen voortkomend uit een klinische onzekerheid.
2. Het op efficiënte wijze zoeken van relevante wetenschappelijke literatuur.
3. Het kritisch beoordelen van de validiteit en de resultaten van deze literatuur.
4. Het beoordelen van de toepasbaarheid van de resultaten in de klinische praktijk.
5. De evaluatie van de gevolgen van een gekozen handelwijze.

Noten:
(1). Artikelen lezen is ook werken. Arink, P. TVZ Tijdschrift voor Verpleegkundigen 106 (1996) 22, pp.668.
(2). Journal club een goed idee voor implementatie van EBP. Vermeulen, H., C. Latour, D. Ubbink. Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice 2009;2(april) pp. 18-21. link
(3). Evidence Based Practice-AMC link

april 15, 2009

Patiënten feedback; het internet als medium.

 In Engeland bestaat sinds vier jaar de site “Patiënt Opinion”: een initiatief van Paul Hodgkin, GP die op zoek was naar een methode om de “wijsheid van de patiënt” ten goede te laten komen aan het Engelse gezondheidszorgsysteem.

Via deze site hebben de burgers de mogelijkheid om patiëntenervaringen (positief/negatief) te delen.
Je kunt een ander vertellen wat je overkomen is, maar ook kun je kennis nemen wat de ander is overkomen.

Grootste drijfveer om gevoelens publiek te maken is, dat men het vertrouwen heeft dat de feedback wordt gebruikt om de service van zorginstellingen te verhogen, men heeft het gevoel “lotgenoten” ermee te helpen.

Instellingen maken ook nuttig gebruik van deze webbased feedback, regelmatig plaatsen zij een reactie op de site naar aanleiding van een patiëntenverhaal.

Bij mijn weten bestaat in ons land een dergelijk medium nog niet, of het moeten blogs zijn waar mensen hun wel en wee op ventileren. Maar die moet je toevallig op het spoor komen. Een bundeling van alle  feedbacks zou handig zijn.

De site KiesBeter http://www.kiesbeter.nl verschaft de patiënt veel (medische)informatie over gezond leven, medicijnen, patiëntenrechten, patiëntenorganisaties, wachttijden, prestatie-indicatoren, een contactmogelijkheid: Heeft u vragen of opmerkingen? Wij helpen u graag!

Het lijkt mij een goede plek om daar een tool Patiëntenfeedback/patiëntenervaringen aan toe te voegen.

Dat is helemaal Patiëntgericht en daar zijn alle zorginstellingen druk mee bezig!

Literatuur:

• Hodgkin, P.K. Web based patient feedback: doctor rating sites. BMJ 2009:338:b1377.  Published 7 April 2009, doi:10.1136/bmj.b1377
 link
• Bacon, N. Will doctor rating sites improve standards of care? BMJ 2009;338:b1030. Published 17 March 2009, doi:10.1136/bmj.b1030. link

Via een discussiegroep van LinkedIn werd de volgende aanvulling aangereikt.
“Dergelijke sites bestaan ook in Nederland al langer en zijn in ontwikkeling http://www.consumentendezorg.nl/ is er een van.
En patiëntenfeedback op medicijnen en medicijngebruik is in te zien op de site van het Lareb http://www.lareb.nl

april 7, 2009

My Gardenoffice; telewerken in de tuin.

Afgelopen vrijdag een dagje extra vrij genomen. Het gras had de eerste maaibeurt nodig. De winterstop zit er weer op en nu is het weer “werken” geblazen. Met mooi weer is dat absoluut geen straf.

Het enige probleem is dat een uurtje/dagje tuinvrij zich niet altijd laat inpassen in een drukke agenda. Mijn werkplek niet aan de tuin grenst, maar ruim 55 km verderop ligt. Het goede weer niet planbaar is.

Toen ik vandaag, weer achter het bureau bij de baas, de volgende reclame langs zag komen was ik dan ook geheel verrukt en wil ik u deze nieuwe gadget, zonder commercieel oogpunt mijnerzijds overigens, niet onthouden.

Telewerken wordt mogelijk gemaakt:
De tuinkabouter maakt plaats voor het tuinkantoor.
Uw eigen geavanceerde “tuinhuis” misschien klinkt “My Gardenoffice” nog net iets beter.

my-gardenoffice

Technische gegevens: De OfficePod heeft een formaat van 2.1 bij 2.1 meter. Bij de constructie is gekozen voor hoogwaardig kwalitatieve materialen. Heel wat van de onderdelen bestaan uit gerecycled materiaal. Volgens de makers zijn de kosten voor verwarming in de winter of koeling in de zomer erg laag, omdat het een kleine cabine is. Er kan natuurlijk op een mooie dag gewoon met de deur open gewerkt worden.

En zeg nou zelf, langzamerhand verplaatsen we de woonruimte en de keuken ook al naar buiten, dan lijkt mij de Gardenoffice een logisch vervolg.

Nu nog kijken of de baas er voor te porren is. (Hij heeft geen tuin?!)

See you in My Gardenoffice!

Meer kijkplezier zie: http://www.officepod.co.uk/

maart 31, 2009

“If Disney ran your hospital; ziekenhuiswereld in de ban van Fred Lee.”

 -

Op 27 maart jl. was Fred Lee te gast in het AMC en hield daar zijn lezing “Maak hoffelijkheid belangrijker dan efficiency.” Deze lezing was de 4e op rij die de Disney goeroe in ons land hield, naar aanleiding van het verschijnen van zijn boek in Nederland “Als Disney de baas was in uw ziekenhuis: 9 ½ dingen die u anders zou doen”. 
Ruim 2500 medewerkers uit 57 ziekenhuizen woonden de inspirerende presentaties van Fred Lee bij!
Op dit moment ben ik de Engelstalige versie  aan het lezen.  Het leest als een weblog.  Allerhande voor de handliggende zaken als, bejegening, teamwerk, do’s and don’ts komen voorbij.
We hadden (AMC) bijna zelf het boek kunnen schrijven, zoveel herkenbare situaties. Bijzonder is dat Fred Lee iets benoemd, wat de ziekenhuiswereld al wist, maar (on) bewust geen sterke plek in de organisatiecultuur geeft. Het is tijd voor change ook in de ziekenhuiswereld ! Patiëntgerichtheid is het thema voor de komende periode. Niet dat we er voorheen niet voor de patiënt waren, maar het kan altijd beter en op zijn tijd kan een hype een nieuwe wending teweegbrengen. Nederland is er rijp voor, het AMC is er rijp voor.
De Efteling wordt even ingeruild voor Disney World.
Altijd al geweten: dat wat je ver haalt lekker(der) is. Hopelijk smaakt het de patiënt ook.

Verwijzingen:

  • Lee, F. Als Disney de baas was in uw ziekenhuis. uitgave Elseviergezondheidszorg, dec 2008.
    ISBN 9789035230538.
  • IF Disney ran your hospital – Jos Arets – weblog ->
  • CBO biedt vervolg op Fred Lee. meer info ->

 

-

maart 20, 2009

STUKYOUTOO; jongerenfilms tegen geweld in opvoeding & relaties

Vertellen over kindermishandeling op YouTube 

In Nederland en in Vlaanderen hebben jongeren 100 korte filmpjes gemaakt over opvoeding zonder geweld. Het doel is andere  jongeren te laten zien dat geweld in opvoeding en relaties niet  normaal is. Zij willen hierover een discussie aangaan.

(n.b.  Zij komen ook filmen tijdens het AMC congres op 27 maart 2009).

Met steun van Stichting Kinderpostzegels Nederland, BZN ATLAS uit Vlaanderen en de Vlaamse Overheid zijn ze zichtbaar via YouTube.
Op deze populaire videowebsite staan sinds eind vorig jaar tientallen filmpjes van Nederlandse en Vlaamse jongeren die openhartig vertellen hoe ze als kind mishandeld zijn.
De video’s zijn al duizenden keren bekeken.
___________________________________________________________
Het STUKYOUTOO-project wil als steun dienen voor andere jongeren die ‘in de shit zitten’.
‘Dus ehm..ik was tien. Toen werd ik mishandeld door mijn stiefvader. Hij sloeg mij en mijn broertje met een kabel op onze blote voeten. Ik heb hem mijn moeder bont en blauw zien slaan. Hij sneed zichzelf en spoot bloed op de muur. Daar blijf je toch aan denken.’ Het zijn de woorden van de tiener Achmed die recht in de camera kijkt wanneer hij dit zegt. Dit filmpje is al 1600 keer bekeken, net zoals vele soortgelijke video’s.
____________________________________________________

Over STUK
“Wij zijn scholieren en werkende jongeren. Wij weten wat kindermishandeling is. Daar hebben we een theaterstuk over gemaakt. STUK. De scènes zijn gebaseerd op onze eigen ervaring. We hebben STUK met veel succes voor scholieren en volwassenen gespeeld. Ook hebben we de Jan Brouwerprijs gewonnen”   Stuktheater.nl

maart 18, 2009

Kindermishandeling: (her)kennen

Nieuwe groep via LinkedIn.   ballon

Kindermishandeling: (her)kennen.
is een groep voor professionals, die beroepsmatig te maken heeft met kindermishandeling. Deze groep wil kenisdeling bevorderen binnen Nederland.

Heb je belangstelling om je kennis te delen, sluit je dan aan bij LinkedIn en deze groep.  

In het AMC te Amsterdam is het  team Kindermishandeling zeer actief bezig de problematiek aan de orde te stellen.
Op 27 maart 2009 organiseren zij het
Praktijkcongres Kindermishandeling aanpakken is weerstanden overwinnen. De persoonlijke uitdaging van elke professional.
meer info
Het congres is helaas volgeboekt. Vanwege de enorme belangstelling wordt het mogelijk herhaald of komt er een vervolgcongres.
Ook zal er een verslag verschijnen (blijf dit blog dus volgen en/of de LinkedIn groep).

Binnen het AMC is een e-dossier samengesteld, waarin de interne en externe zaken worden “gebundeld ” en de kennis gedeeld  via het intranet.

Er zijn zeer veel instanties die de problematiek Kindermishandeling aankaarten, maar de mogelijkheid tot interactieve kennis uitwisseling heb ik daarbij nog niet gevonden, vandaar de oprichting van deze groep.
Suggesties van harte welkom.
mail: bidoc@amc.uva.nl

 

 

 

Via LinkedIn zag ik dat er nog geen groep kindermishandeling bestond. Terwijl ik het idee heb dat er hierover de nodige kennis valt uit te wisselen.

 

maart 7, 2009

Als u de patiënt was, zou u dan graag de duivelse dilemma’s voorkomen?

Daniel K Sokol, lecturer medical ethic and, St George’s University London breekt een lans voor het afnemen van een “ethische checklist”  bij de patiënt en het vastleggen ervan in zijn/haar status.  BMJ 2009:338:b879 (doi: 10.1136/bmj.b879)

Aanleiding zijn de volgende dilemma’s, die hem zijn bijgebleven na een “grote”  visite.
De diagnose stelling, bekend-onbekend, van een HIV geïnfecteerde patiënt, getrouwd, een vriendin. Wie kent wie en wie vertelt wie de diagnose?

Een ander voorbeeld die hij geeft is een dementerende, terminale patiënt.  Dokters vragen zich af of zijn behandeling moet worden voortgezet.  Na lang delibereren vraagt één van de aanwezigen of de man een niet-reanimeerverklaring  heeft getekend.  Inderdaad,  in de status wordt een dergelijke aantekening gevonden.

De auteur stelt daarom voor,  een ethische checklist op te nemen in iedere status,  waardoor onnodig leed, tijdsverspilling en onverkwikkelijke situaties kunnen worden voorkomen.

En wat kost het nou die paar vragen te beantwoorden, als je daarmee leed kunt voorkomen, een leven kunt redden.
Ik denk dat de meeste patiënten dan graag de vragenlijst willen invullen.
ook al worden in de loop der tijden vaak  ‘pijn’ grenzen verlegd.

‘De artsen zullen blij zijn dat ze enige houvast hebben om patiëntgericht,  ethische vraagstukken te tackelen”.

Nu nog checken of de WGBO hiermee in kan stemmen.

Voorbeelden van checklists:


voorbeeld 2  uit artikel
Ethical issues  (aanvinken volstaat)
Patient’s wishes are unclear, or patient refuses treatment
Questionable capacity to consent to or refuse treatment
Disagreement involving relatives
End of life issues (advance directive, “do not attempt resuscitation” decisions, lasting power of attorney, limitation of treatment, etc)
Issue over goal of care or appropriateness of current treatment
Confidentiality or disclosure issue
Resource or fairness issue
Other (please note)
No notable ethical issues